De online bouwmarkt voor bouwen en verbouwen

0 Uw winkelwagen 0.00€

Winkelwagen (0)

Geen producten in de winkelwagen.

De geschiedenis van de kraan en stromend water: van Romeinse stopkraan tot mengkraan

De geschiedenis van de kraan en stromend water: van Romeinse stopkraan tot mengkraan

Foto: messing waterkraan met muurplaat, gedateerd 1920–1950, uit de collectie van Museum Rotterdam (inv.nr. 34438). Foto: Museum Rotterdam, Wikimedia Commons, licentie CC BY-SA 3.0 (bijgesneden)

Bouwweetjes #5 · Elke maandag en donderdag één bouwonderwerp onder de loep 

Hendel omhoog en er stroomt schoon water, warm of koud, zoveel je wilt. Het grootste deel van de geschiedenis was dat allesbehalve normaal. De Romeinen stuurden water door loden buizen met bronzen stopkranen, Amsterdam kreeg pas in 1853 het eerste leidingwater van Nederland, en de eengreepsmengkraan kwam pas na de Tweede Wereldoorlog. In deze vijfde editie van Bouwweetjes nemen we één onderwerp onder de loep: de geschiedenis van de kraan en stromend water in huis. (Editie #4 gemist? Lees de geschiedenis van beton, van Romeins opus caementicium tot modern beton.)

Waar komen de woorden 'kraan', 'tap' en 'faucet' vandaan?

Het Nederlandse woord kraan is hetzelfde woord als de vogel: de kraan of kraanvogel. Werktuigen die aan de lange hals van de vogel deden denken, kregen zijn naam. Een crane om lasten te hijsen wordt al genoemd in een Latijnse tekst uit 1244 over Utrecht, en kraen als tap in een vat in 1354. Het Duits noemt een kraan Hahn en het Engels kent de cock in stopcock: nog twee vogels op de waterleiding.

Ook tap is oud: tappe, een afsluitpin in een vat, is al in 1240 opgetekend. Het Engelse tap gaat terug op Oudengels tæppa, oorspronkelijk een spits toelopende pin. Het Amerikaans-Engelse faucet verschijnt rond 1400, uit Oudfrans fausset, een tap of pin in een vat. "Spigot and faucet" was een oude vattap: een taps toelopende buis die je in het vat sloeg, met een schroef om de straal te regelen.

Hoe kwamen de Romeinen aan stromend water, en hadden ze kranen?

Romeinse aquaducten voerden water alleen door de zwaartekracht aan, met een licht verval door goten van steen, baksteen, beton of lood. In de stad liep het water meestal naar verdeelbassins (castellum aquae), die de aftakkingen voedden via loden of keramische buizen. Die buizen bestonden in 25 standaarddiameters en hadden bronzen stopkranen, zodat je de stroom helemaal of gedeeltelijk kon openen, afsluiten of omleiden. Een Romeinse stopkraan was een plugkraan: draai je een doorboorde plug een kwartslag, dan komt het gat in lijn met de buis en stroomt het water door.

Stromend water ging naar openbare fonteinen en badhuizen, en naar de huizen van rijke Romeinen. In de tijd van de waterbeheerder Frontinus (ca. 40–103 n.Chr.) ging zo'n 10% van het aquaductwater van Rome naar 591 openbare fonteinen. Goedgekeurde loden buizen droegen opschriften met de maker en de fitter, wat ook hielp tegen waterdiefstal.

Het Latijnse woord voor lood, plumbum, gaf het Engels de woorden plumbing en plumber. Het Nederlands deed hetzelfde met loodgieter: het vak goot vroeger stroken en pijpen van lood. Dichter bij huis neemt men algemeen aan dat er bij Nijmegen een Romeinse waterleiding lag: grondwerken van zo'n vijf kilometer die water lijken te hebben aangevoerd naar de legioenplaats van het Tiende Legioen op de Hunnerberg, waar archeologen loden pijpen vonden. (Waar het gebruikte water heen ging, lees je in editie #2: de geschiedenis van het toilet en het riool.)

Romeinse loden waterleiding in Pompeii

Romeinse loden waterleiding in Pompeii. Foto: Gary Todd, Wikimedia Commons, CC0

Wat gebeurde er na de Romeinen met stromend water?

Na de val van Rome stonden watervoorziening en sanitatie ruim duizend jaar stil of gingen ze zelfs achteruit. Waar wel leidingen kwamen, waren die vaak eenvoudig: in Londen en elders gebruikte men in de 16e en 17e eeuw uitgeholde boomstammen als waterleiding.

In Nederlandse steden dronk men water uit grachten, sloten, putten en regenbakken. In Amsterdam raakten de grachten vanaf de 16e eeuw steeds zwaarder vervuild, omdat ook het afvalwater erin uitkwam. Bij kerken en huizen kwamen regenbakken, en in de grachten verschenen waterschuiten die ongefilterd water uit de Vecht bij Weesp verkochten. In 1786 werd de Versch Water Sociëteit opgericht, een vereniging van waterschippers met een vergunning. Rond 1840 kwamen er zo'n 2.200 waterschuiten per jaar de stad binnen: genoeg voor ongeveer één kan (0,66 liter) per inwoner per dag, als je het kon betalen. In de 17e eeuw waren veel oude kettingputten al vervangen door putten met een pomp, maar de hygiëne bleef slecht, en cholera en tyfus braken steeds weer uit.

Wanneer kregen Nederlandse huizen stromend water?

Al rond 1840 waren er plannen voor een waterleiding naar Amsterdam, maar geld was steeds het probleem. Na de cholera-epidemie van 1848 kwam het in een stroomversnelling, en met hulp van Engelse geldschieters werd in juli 1851 de Amsterdamsche Duinwater-Maatschappij opgericht, met schrijver Jacob van Lennep als eerste voorzitter. Duinwater bij Vogelenzang werd gezuiverd in zandfilters, met stoommachines opgepompt en door gietijzeren leidingen langs de Haarlemmerweg naar de stad gebracht. Op 6 juni 1853 kwam er voor het eerst water uit een fontein bij de Haarlemmerpoort, en op 12 december 1853 konden Amsterdammers daar per emmer drinkwater halen: het eerste leidingwater van Nederland.

Vanaf april 1854 kregen abonnees water tot in huis, en op pleinen zoals de Dam en de Nieuwmarkt kwamen standpijpen. Eerst konden alleen welgestelde huishoudens een aansluiting betalen, maar in 1866 waren er al 8.505 particuliere aansluitingen en 56 openbare tappunten. Bij de cholera-epidemie van dat jaar vielen er in Amsterdam beduidend minder slachtoffers dan elders. Vanaf 1888 bracht een tweede net Vechtwater, alleen om schoon te maken en voor de industrie; putdeksels met 'Duin' of 'Vecht' herinneren nog aan die twee netten. En de gietijzeren leiding uit 1853 bleef in gebruik tot november 2017; in 2018 werd de oudste waterleiding van Nederland vervangen.

De rest van het land volgde stap voor stap. De eerste groepswaterleiding voor meerdere gemeenten dateert van 1911, en in 1949 waren 712 van de toen 1.054 gemeenten aangesloten: zo'n 75% van de Nederlanders had leidingwater. De Waterleidingwet van 1957 legde regels vast voor de kwaliteit van het water en de zekerheid van de levering.

JaarMijlpaal
Romeinse tijdLoden en keramische buizen in 25 standaarddiameters, met bronzen stopkranen
ca. 40–103 n.Chr.Leven van Frontinus: zo'n 10% van het aquaductwater van Rome gaat naar 591 openbare fonteinen
1240Nederlands tappe opgetekend als afsluitpin in een vat
1354Nederlands kraen opgetekend als tap in een vat
ca. 1400Het woord faucet verschijnt in het Engels
1786Versch Water Sociëteit van waterschippers met vergunning in Amsterdam
ca. 1840Zo'n 2.200 waterschuiten per jaar brengen Vechtwater naar Amsterdam
1845Edward Chrimes (Rotherham) patenteert een schroefkraan met vervangbare rubberen afdichting
juli 1851Oprichting Amsterdamsche Duinwater-Maatschappij
1853Eerste drinkwater via een leiding in Nederland, bij de Haarlemmerpoort in Amsterdam
1866Cholera-epidemie: in Amsterdam beduidend minder slachtoffers dankzij schoon water
16 jan 1880Thomas Campbell patenteert "Campbell's Double Basin Cock", een mengkraan
1911Eerste groepswaterleiding voor meerdere gemeenten in Nederland
1943Elie Aghnides vindt de straalregelaar (perlator) uit
1947Eerste eengreepsmengkraan (Al Moen) in productie
1949Zo'n 75% van de Nederlanders heeft leidingwater
1957Waterleidingwet
1960Loden drinkwaterleidingen verboden in Nederland
1973Octrooi op de keramische schijfafsluiter
2005Chloor niet meer toegestaan als primair desinfectiemiddel in Nederlands drinkwater
nov 2017Gietijzeren Amsterdamse hoofdleiding uit 1853 buiten gebruik
2024117,3 liter drinkwater per persoon per dag thuis

Hoe werkt een kraan? Van plug en leertje tot keramische schijf

Er zijn drie klassieke manieren om water tegen te houden. De oudste is de plugkraan van de Romeinen: draai een doorboorde plug een kwartslag en de doorgang gaat open of dicht. De moderne neef daarvan is de kogelkraan, met een kogel die in kunststof zittingen (meestal PTFE) draait; je herkent hem aan de beweging van 90° tussen open en dicht. Hoe je nu afsluiters en kogelkranen kiest, lees je in afsluiters en kogelkranen kopen: waar let je op?

De tweede is de schroefkraan. In 1845 patenteerde Edward Chrimes uit het Engelse Rotherham een hogedrukschroefkraan met een vervangbare rubberen afdichting; de messinggieterij die later Guest and Chrimes heette, maakte hem. Draai je aan de knop, dan drukt een zacht rubbertje (het leertje) op een klepzitting. Dat sluit goed af en regelt fijn, maar leertje en zitting slijten na verloop van tijd, en daarom gaan oudere kranen druppelen.

De derde, en nu de standaard, is de keramische schijf. Twee harde keramische schijven schuiven over elkaar; als de openingen op één lijn komen, stroomt het water. Op een keramische schijfafsluiter werd in 1973 octrooi verleend. Twee keramische oppervlakken hebben heel weinig wrijving, zeker met water als smeermiddel, bovendien zet keramiek niet uit en krimpt het niet bij temperatuurwisselingen, en het is bestand tegen corrosie. Deze kranen vragen veel minder onderhoud, en als het toch nodig is, vervang je meestal de hele cartridge in één keer.

Bronzen plugkraan van het Romeinse type

Bronzen plugkraan van het Romeinse type: door de doorboorde plug te draaien gaat de leiding open of dicht. Foto: Le plombier du désert, Wikimedia Commons, licentie CC BY-SA 4.0

Wie heeft de mengkraan en de eengreepskraan uitgevonden?

Lange tijd kwamen warm en koud uit twee aparte kranen, en mengde je zelf in de wasbak. Op 16 januari 1880 kreeg Thomas Campbell uit Saint John, New Brunswick (Canada), octrooi op "Campbell's Double Basin Cock" (Canadees octrooi 10.811): één uitloop die warm en koud water mengde. Om tegendruk te voorkomen, maakte hij de uitloop wijder dan de toevoerleidingen. Zijn kraan had nog wel twee knoppen.

De eengreepskraan begon met een brandwond. In 1937 verbrandde de Amerikaanse uitvinder Al Moen zijn handen aan een kraan met twee knoppen en begon hij aan een kraan die warm en koud met één hendel mengde. Na de oorlog, in 1947, ging de eerste eengreepsmengkraan met zijn cartridge in Seattle in productie. In 1959 zette het tijdschrift Fortune hem in de lijst van de 100 best ontworpen massaproducten. Een tweede ontwerp, met een kogelvormige klep, van Landis Perry volgde in 1952.

Tegenwoordig zijn mengkranen de gangbare keuze in keuken en badkamer, vaak met één hendel: omhoog en omlaag voor de hoeveelheid water, links en rechts voor de temperatuur. Hoe je zelf een nieuwe douchekraan aansluit, lees je stap voor stap in hoe sluit je een nieuwe douchekraan aan?

Waarom heeft een douche vaak een thermostaatkraan?

Een thermostatische mengkraan mengt warm en koud water tot een vrijwel constante temperatuur, om verbranding te voorkomen. Veel van deze kranen gebruiken daarvoor een wasthermostaat. Valt de toevoer van warm of koud water ineens weg, dan sluit een thermostaatkraan snel af, zodat je niet verbrandt of een koude schok krijgt. Douche- en badkranen vangen vaak ook plotselinge drukverschillen op, bijvoorbeeld als iemand het toilet doorspoelt, zodat de temperatuur niet verspringt.

Er is ook een hygiënekant: warm water wordt vaak boven 60 °C opgeslagen tegen legionella en onder ongeveer 50 °C verdeeld; een thermostaat brengt het naar een prettige douchetemperatuur. En de douche telt mee: in 2021 was die goed voor 36,1% van het huishoudelijke drinkwatergebruik in Nederland, zo'n 46 liter per persoon per dag.

Hoe goed is Nederlands kraanwater nu, en hoeveel gebruiken we?

Nederland heeft tien drinkwaterbedrijven, zo'n 122.000 km leiding en bijna 8,7 miljoen aansluitingen (2023). Het leidingnet is zo goed op orde dat gezuiverd water onderweg naar je kraan meestal geen chloor nodig heeft, dus je proeft of ruikt geen chloor. Sinds 2005 is chloor niet meer toegestaan als primair desinfectiemiddel; de bedrijven gebruiken in plaats daarvan uv-licht of ozon.

Gemiddeld gebruikte iedere Nederlander in 2024 thuis 117,3 liter drinkwater per dag. Het nationale plan om drinkwater te besparen mikt op 100 liter per persoon per dag in 2035. De kraan helpt daar zelf aan mee: de straalregelaar (perlator) op de uitloop, in 1943 uitgevonden door de Griekse ingenieur Elie Aghnides, mengt lucht door de straal, voorkomt spatten en beperkt de doorstroming.

Eén overblijfsel uit de geschiedenis verdient aandacht: loden leidingen. Die zijn sinds 1960 verboden, maar in gebouwen van vóór 1960 kunnen ze nog aanwezig zijn, bijvoorbeeld onder vloeren en in muren. Lood in drinkwater is ongezond, vooral voor jonge kinderen. De overheid adviseert daarom loden leidingen te laten vervangen door een installateur; de eigenaar is verantwoordelijk voor de leidingen vanaf de watermeter het gebouw in.

Wat zijn leuke weetjes over de kraan?

 

  • Het Nederlandse kraan (kraanvogel), het Duitse Hahn (haan) en het Engelse stopcock (haan): drie vogelnamen voor het ding dat water uit een leiding laat.
  • Moderne schattingen van de aanvoer van de aquaducten van het oude Rome lopen uiteen van zo'n 520.000 tot 1.000.000 m³ water per dag.
  • Rond 1840 kochten Amsterdammers nog drinkwater van boten: zo'n 2.200 waterschuiten per jaar kwamen uit de Vecht.
  • De eerste Amsterdamse waterleiding uit 1853 bleef meer dan 160 jaar in gebruik, tot 2017.
  • Het bekende gesis van een half geopende kraan komt van piepkleine dampbelletjes die bij de vernauwing in de kraan ontstaan en weer verdwijnen.
  • Op kranen in landen met Romaanse talen betekent een C juist warm (Frans chaud, Italiaans caldo, Spaans caliente), en een F koud.
  • De eengreepsmengkraan begon in 1937 met verbrande handen.

Wat heb je nu nodig voor kranen en waterleidingen?

Een Romeinse stopkraan heb je niet meer nodig, maar dezelfde ideeën zie je terug in elke badkamer: een cartridge die mengt, een thermostaat die de temperatuur bewaakt, en leidingen die je netjes moet afsnijden en aandraaien. Hieronder een paar producten die bij dat verhaal passen. Welke tang je gebruikt, lees je in onze gids over waterpomptangen en pijptangen; afsluiters staan in onze gids over afsluiters en kogelkranen.

Staande wastafelmengkraan ZEN by Cersanit, chroom (S951-591)

Staande wastafelmengkraan ZEN by Cersanit, chroom (S951-591)

Een eengreeps wastafelmengkraan met een keramische cartridge van 25 mm voor soepele bediening en een straalregelaar Cersanit Water Save die de doorstroming beperkt tot 6 liter per minuut. Chroom met Super Shine-coating en een gekartelde hendel.

Waarvoor gebruik je het? De keramische schijf en de straalregelaar uit dit verhaal, samen in één moderne wastafelkraan.

€119,61 incl. btw

€98,85 excl. btw

Bekijk product →

Douchekolom Larga met thermostatische kraan, chroom (S952-049)

Douchekolom Larga met thermostatische kraan, chroom (S952-049)

Een douchekolom met een messing thermostaatkraan, een slanke regendouche van roestvrij staal (15 × 25 cm), een handdouche met 3 standen en een doucheslang van 1,5 m.

Waarvoor gebruik je het? De thermostaat uit dit verhaal: hij houdt de verhouding tussen warm en koud stabiel terwijl je doucht.

€398,77 incl. btw

€329,56 excl. btw

Bekijk product →

Waterpomptangenset STALCO, 3-delig (180, 250 en 300 mm)

Waterpomptangenset STALCO, 3-delig (180, 250 en 300 mm)

Drie waterpomptangen van chroom-vanadiumstaal met geharde bekken, een anticorrosiecoating en een EVA-schuiminzetstuk dat past in de gereedschapskasten van STALCO.

Waarvoor gebruik je het? Om moeren, koppelingen en leidingen vast te pakken als je een kraan of afsluiter monteert. Welke tang bij welke klus past, lees je in waterpomptang en pijptang: welke tang voor welke klus?

€45,59 incl. btw

€37,68 excl. btw

Bekijk product →

Pijpsnijder voor koperen buis 3–28 mm STALCO (S-15020)

Pijpsnijder voor koperen buis 3–28 mm STALCO (S-15020)

Een compacte pijpsnijder voor koperen buis met een diameter van 3 tot 28 mm.

Waarvoor gebruik je het? Na de Tweede Wereldoorlog verving koper steeds vaker lood als veiliger leidingmateriaal. Met een pijpsnijder krijg je een nette, haakse snede.

€4,72 incl. btw

€3,90 excl. btw

Bekijk product →

Wat is de levertijd bij Saniso?

Op een werkdag voor 15:00 besteld? Dan wordt je bestelling de volgende werkdag geleverd, mits het in een pakket past. Voor palletzendingen geldt een andere levertijd. Saniso heeft duizenden producten op voorraad in Nederland.

Hoe bestel je bij Saniso als je nog geen klant bent?

Je eerste bestelling is zo geregeld:

  1. Maak een account aan via registreren.
  2. Heb je al een account? Log hier in met je e-mailadres of telefoonnummer.
  3. Kies je product en klik op "In winkelwagen" of direct op "Nu kopen".
  4. Reken af: alle prijzen zijn inclusief btw. Liever geen verzendkosten? Je kunt je bestelling ook gratis ophalen in onze showroom.

Hoe blijf je op de hoogte van aanbiedingen?

Wil je weten wanneer er nieuwe aanbiedingen zijn? Schrijf je in voor de nieuwsbrief: scroll naar onderen op een pagina van saniso.nl, vul je e-mailadres in bij "Nieuwsbrief" en klik op "Abonneren". Je krijgt updates over aanbiedingen en kortingsbonnen, en we spammen niet. Met een account spaar je ook loyaliteitspunten voor korting op je volgende aankoop.

Nog vragen over bestellen, je account, betalen, verzenden of retourneren? Alle antwoorden staan in de Saniso FAQ.

Veelgestelde vragen over de geschiedenis van de kraan

Wie heeft de kraan uitgevonden?
Er is niet één uitvinder. De Romeinen gebruikten al bronzen plugkranen op hun waterleidingen. Edward Chrimes uit Rotherham patenteerde in 1845 een schroefkraan met een vervangbare rubberen afdichting, Thomas Campbell kreeg in 1880 octrooi op een mengkraan, en de eengreepsmengkraan van Al Moen ging in 1947 in productie.

Hadden de Romeinen kranen?
Ja. Loden of keramische buizen vanaf de verdeelbassins hadden bronzen stopkranen. Dat waren plugkranen: een kwartslag aan een doorboorde plug opende of sloot de stroom.

Waarom heet een loodgieter een loodgieter?
Omdat het vak vroeger stroken en pijpen van lood goot. Ook het Engelse plumber komt van lood: het Latijnse plumbum, want de eerste goede waterleidingen in de Romeinse tijd waren van lood.

Waren Romeinse loden leidingen gevaarlijk?
De Romeinen wisten dat lood schadelijk was voor wie het delfde en bewerkte, en gaven waar het kon de voorkeur aan keramische buizen voor drinkwater. Het harde Romeinse water vormde bovendien een laagje kalkaanslag in de buizen, waardoor het water minder met het lood in aanraking kwam.

Wanneer kreeg Nederland kraanwater?
In 1853 in Amsterdam, geleverd door de Amsterdamsche Duinwater-Maatschappij met water uit de duinen. In 1949 had zo'n 75% van de Nederlanders leidingwater.

Waar haalde Amsterdam vóór 1853 zijn drinkwater vandaan?
Uit grachten, putten en regenbakken, en van waterschuiten die water uit de Vecht aanvoerden. Rond 1840 kwamen er zo'n 2.200 waterschuiten per jaar de stad binnen.

Waarom heet een kraan net als de vogel?
Kraan is het oude woord voor de kraanvogel. Werktuigen die op de lange hals van de vogel leken, zoals de hijskraan en de tap aan een vat, kregen dezelfde naam. Kraan als tap in een vat is opgetekend in 1354.

Wie heeft de mengkraan uitgevonden?
Thomas Campbell uit Saint John, New Brunswick (Canada). Hij kreeg op 16 januari 1880 octrooi op "Campbell's Double Basin Cock", die warm en koud water in één uitloop mengde, maar nog twee knoppen had.

Wie heeft de eengreepskraan uitgevonden?
Al Moen. Hij kreeg het idee in 1937 nadat hij zijn handen had verbrand aan een kraan met twee knoppen; zijn eengreepsmengkraan ging in 1947 in productie.

Wat is een keramische cartridge?
Een cartridge met twee harde keramische schijven die over elkaar schuiven; als de openingen op één lijn komen, stroomt het water. Op de keramische schijfafsluiter werd in 1973 octrooi verleend, en hij vraagt veel minder onderhoud dan een kraan met een leertje.

Hoe werkt een thermostaatkraan?
Hij mengt warm en koud water tot een vrijwel constante temperatuur, vaak met een wasthermostaat, en sluit snel af als de toevoer van warm of koud wegvalt. Dat beschermt tegen verbranding en koude schokken.

Hoeveel kraanwater gebruikt een Nederlander?
Gemiddeld 117,3 liter per persoon per dag thuis in 2024. De douche is de grootste post: 36,1% van het huishoudelijke gebruik in 2021.

Zit er chloor in Nederlands kraanwater?
Meestal niet. Het leidingnet is zo goed op orde dat chloor normaal niet nodig is, en sinds 2005 is het niet meer toegestaan als primair desinfectiemiddel. Alleen bij een bacteriële verontreiniging, bijvoorbeeld na een leidingbreuk, wordt tijdelijk chloor gebruikt.

Kunnen oude huizen nog loden leidingen hebben?
Ja, in gebouwen van vóór 1960, vaak verstopt onder vloeren of in muren. Loden leidingen zijn sinds 1960 verboden, en de overheid adviseert ze te laten vervangen door een installateur.

Wat is de levertijd bij Saniso?
Op een werkdag voor 15:00 besteld, dan de volgende werkdag geleverd, mits het in een pakket past. Voor palletzendingen geldt een andere levertijd.

Zijn de prijzen inclusief btw?
In deze blog zie je elke prijs inclusief en exclusief btw. Bij het afrekenen op saniso.nl zijn de prijzen inclusief btw.

Bouwweetjes neemt elke maandag en donderdag één bouwonderwerp onder de loep. Dit is editie #5. Lees ook de vorige editie: de geschiedenis van beton, van Romeins opus caementicium tot modern beton, en editie #2: de geschiedenis van het toilet en het riool. Leuk bruggetje: Romeinse aquaductgoten waren deels van beton, terwijl de drukleidingen vaak van lood waren.

Tijd voor een nieuwe kraan of douche?
Bekijk wastafelmengkranen, thermostatische douchekolommen en gereedschap voor leidingwerk op saniso.nl
« Previous
Next »
Saniso Support Online +31 85 488 5920

Hallo! Waarmee kunnen we u vandaag helpen?